Opvoeders

Informatie voor opvoeders

De KID-N is de Nederlandse versie van de KIDS, een ontwikkelingsschaal voor kinderen, in Amerika ontwikkeld door Prof. Jeanette Reuter van Kent University in Ohio. Een ontwikkelingsschaal geeft een beeld van de ontwikkeling van jonge kinderen op verschillende terreinen, zoals sociaal gedrag, zelfredzaamheid en motoriek. De schaal levert voor deze gebieden scores op waarmee de ontwikkeling van een kind kan worden bekeken in vergelijking met de gemiddelde ontwikkeling van kinderen met die leeftijd. Prof. Reuter merkte in haar werk op het gebied van gehandicapte kinderen dat het moeilijk was om met de toen bestaande middelen een goed beeld te krijgen van de ontwikkeling van jonge kinderen; de bestaande schalen vereisten dat een professional een aantal vragen over het kind beantwoordde, waarvoor het kind vaak in een opdrachtsituatie een aantal vaardigheden moest laten zien. Vanuit het gezichtspunt van de makers van de KIDS leverde dit twee nadelen op: veel kinderen met een handicap scoren slechter in een opdrachtsituatie, bijvoorbeeld kinderen met cerebrale parese kunnen meer last van spasmen krijgen wanneer zij zich gespannen voelen. Wanneer men een schaal maakt die door ouders of professionele verzorgers kan worden ingevuld is men bovendien minder afhankelijk van een momentopname: de ouders of verzorgers kunnen gebruik maken van wat zij in allerlei alledaagse situaties van het kind zien. Met behulp van de KIDS kan men ook gemakkelijker de ontwikkeling van kinderen screenen zonder de aanwezigheid van opgeleide pedagogen en psychologen, wat zeker in de dunbevolkte plattelandsgebieden in de Verenigde Staten een groot voordeel was en is. Voorwaarde is natuurlijk wel dat de invulling door ouders een betrouwbaar beeld van de ontwikkeling van het kind oplevert. Inderdaad bleek bij vergelijking van de scores op verschillende momenten en scores van verschillende beoordelaars dat een invulling door ouders of verzorgers betrouwbare resultaten oplevert. Bij een vergelijking van de resultaten van de KIDS en de KID-N met de meest gebruikte, door professionals ingevulde schaal, de Bailey ontwikkelingsshalen, bleken de uitkomsten in hoge mate overeen te komen; een indicatie voor een goede validiteit van de schaal. Overigens is het wel noodzakelijk dat gedragswetenschappers betrokken zijn bij de interpretatie van de uitlkomsten, om ouders zo nodig inzicht te geven in de betekenis van een geconstateerde achterstand of voorsprong; is de uitslag een gevolg van toevalsvariatie of moet men er meer betekenis aan hechten? De schaal bestaat uit 252 uitspraken over gedrag van jonge kinderen. De uitspraken behorende bij verschillende ontwikkelingsgebieden en verschillende leeftijden staan door elkaar heen. Bij iedere uitspraak maakt de ouder of verzorger een keus:
A. het kind het wel kan (wel eens gedaan heeft),
B. het heeft gedaan, maar er overheen is gegroeid
C. het nog niet kan.

Het aantal A’s en B’s op de verschillende ontwikkelingsgebieden levert de ruwe scores op. Op basis van de ruwe scores kunnen de normscores worden berekend. De KID-N kent normen voor de totale ontwikkeling en voor de ontwikkeling op de deelgebieden cognitie, motoriek, taal, zelfredzaamheid en sociale ontwikkeling, In de normtabellen kan men nagaan welke ontwikkelingsleeftijd bij die score hoort en of er sprake is van een grote of kleine achterstand of voorsprong vergeleken met een normgroep van kinderen van die leeftijd. De normen van de KID-N zijn gebaseerd op de scores van een grote groep Nederlandse baby’s zonder bekende gezondheidsproblemen. De KID-N geeft een beeld van de ontwikkeling van een kind gedurende het eerste jaar. Een uitslag op de KID-N zegt echter nog weinig over de ontwikkeling op lange termijn, bijvoorbeeld over een IQ-score. Dit komt doordat ontwikkelingsschalen voor jonge kinderen en intelligentietests zich niet op dezelfde aspecten van de ontwikkeling richten.

Contactpersonen: Ineke Loots en Marja Schneider