Dr. Menno van der Schoot

Binnen het thema Lezen & Rekenen onderscheiden we drie pijlers:
1. Begrijpend lezen
2. Verhaalsommen oplossen
3. Ontwikkeling van rekenvaardigheid

Begrijpend lezen is belevend lezen

Steeds meer basisschoolleerlingen scoren ondermaats op begrijpend lezen. Ook beleven zij steeds minder plezier aan lezen. Zorgwekkende ontwikkelingen, want goede begrijpend leesvaardigheden zijn belangrijk voor een succesvolle (school)loopbaan in onze complexe informatiesamenleving. Een mogelijke oorzaak is de geringe aandacht voor ‘belevend lezen’, voor lezen als zintuiglijke ervaring.

Volgens recente theorieën over begrijpend lezen vereist diepgaand tekstbegrip de vorming van een zogenaamd ‘belichaamd’ situatiemodel. Dit is een mentale representatie (d.w.z. innerlijke voorstelling), niet van de tekst zélf, maar van de situatie en gebeurtenissen die hierin worden beschreven. Lezers die een belichaamd situatiemodel vormen, verbinden tekstinformatie aan wat zij al weten van een onderwerp, én aan hun eigen zintuiglijke, motorische en emotionele ervaringen en herinneringen. Het gevolg is dat zij niet langer een talige representatie maken van wat er stáát, maar, in plaats daarvan, een niet-talige, multisensorische representatie van waar het over gaat.

Binnen deze pijler wordt zowel fundamenteel als toegepast onderzoek gedaan. Centraal staan de leesstrategieën die essentieel zijn voor de vorming van een belichaamd situatiemodel zoals mentaal simuleren, inferenties maken en begripsmonitoring. Welke cognitieve (deel)processen zijn nodig voor het uitvoeren van deze strategieën? En hoe onderwijs je die effectief? In interventieonderzoek wordt nagegaan wat de effecten zijn van trainingen in situatiemodelstrategieën op leesbegrip, ‘zintuiglijkheid’ van het lezen, en leesmotivatie.

Verhaalsommen oplossen: zit de moeilijkheid in het verhaal of in de som?

Over de voors en tegens van de realistische rekenmethode is al veel gezegd en geschreven. In deze methode worden rekensommen niet langer kaal aangeboden, maar verpakt in een verhaaltje. Rekenen wordt op deze manier begrijpend lezen, en daarvan zijn taalzwakke leerlingen de dupe, luidt de voornaamste kritiek. De voorstanders benadrukken daarentegen dat de realistische rekenmethode beter aansluit bij de belevingswereld van kinderen (die hierdoor meer gemotiveerd raken), en dat de methode hen op effectieve wijze verschillende, flexibel inzetbare, denk- en oplossingstrategieën leert.

Ook de aard van het debat over realistisch rekenen is onderhevig aan kritiek. De claims van zowel voor- als tegenstanders zouden onvoldoende wetenschappelijk onderbouwd zijn. De oorzaak daarvan ligt voor een groot deel bij de wetenschap zelf. Zo is er nog relatief weinig hard, empirisch-analytisch onderzoek gedaan naar het (leren) rekenen in een context in het algemeen en de ‘taligheid’ van verhaalsommen in het bijzonder. Om dit hiaat op te vullen doen wij binnen deze pijler onderzoek naar de problemen die basisschoolleerlingen ondervinden bij het oplossen van verhaalsommen. Daarbij richten we ons zowel op relevante kindkenmerken als verhaalsomkenmerken. In hoeverre zijn er individuele verschillen in het vermogen een adequate mentale representatie te vormen van de probleemsituatie die in de verhaalsom schuilgaat? En welke talige karakteristieken van de verhaalsom zélf beïnvloeden deze en andere oplossingsprocessen?

De ontwikkeling van rekenvaardigheden
Rekenvaardigheden zijn belangrijk voor cognitieve ontwikkeling en een succesvolle (school)loopbaan. Binnen deze pijler onderzoeken we de ontwikkeling van rekenvaardigheden bij kinderen vanuit een cognitief perspectief. Het doel is het begrijpen van de cognitieve processen die ten grondslag liggen aan rekenvaardigheid. Welke cognitieve processen zijn de beste vroege voorspellers van latere rekenprestaties? We richten ons op zowel de voorbereidende rekenvaardigheden in groep 2 (de kleuterklas) als de daarop voortbouwende formele rekenvaardigheden van kinderen in groep 3 en 4. Met name de transitie van niet-symbolische naar symbolische rekenvaardigheden staat daarbij centraal. Het onderzoek naar de ontwikkeling van rekenvaardigheid is onderdeel van het interuniversitaire onderzoeksproject “MathChild”.

© Copyright Vrije Universiteit Amsterdam

spamfuik@vu.nl